November 2008 aan de hand van de Tweets

3 Reacties

Sociale media worden steeds belangrijker: voor de verkiezingen in Amerika was in de Twitter community veel aandacht, een aantal verontruste NVB-leden heeft een wiki en NVB2.0 (yes!) opgericht, de Fobid studiedag was via Twitter en Ustream te volgen.

Gmail heeft thema’s ingevoerd: grappig is wel dat je een woonplaats moet invoeren en aan de hand daarvan een andere invulling van het thema krijgt: ‘bus stop’ is in Australië zonnig en in Amsterdam regenachtig 😉 .

November werd privé overheerst door het afscheid van onze hond Polly en verder door het gedoe op mijn werk over de toekomst van onze bibliotheek (zo’n langdurige onzekerheid is niet goed voor een mens).

Zo’n terugblik op de maand bevalt me wel, zie hieronder wat in de filter is blijven hangen en mijn kijk er nu op:

Bibliotheek

Google

Internet

Lezen / Wetenschap

Twitter

  • OpenID van myvidoop (voor Twitterfeed verplicht): vergeet niet om ‘this is my computer‘ aan te vinken bij het aanmelden, anders moet je steeds een registratiecode aanvragen
  • Twitter Gives Japan Groups, Turns Delete Off Briefly.  ReadWrite Web. Er was wat commotie over het (tijdelijk) niet kunnen verwijderen van Tweets: maar dat verwijderen heeft evengoed weinig zin, want je haalt ze alleen maar uit je eigen lijst. In de centrale database blijven ze aanwezig en ze zijn dan ook via Summize gewoon terug te vinden. Je kunt daarin wel niet verder terug dan 6 maanden, maar of dat zo blijft is onduidelijk.
  • Problogger klaagde erover dat zijn oude tweets weg waren: je kunt maar een beperkt aantal pagina’s terug in je eigen berichten: het maximum aantal pagina’s is 160: 3200 tweets per persoon. Of ze dan ook echt helemaal weg zijn is natuurlijk ook maar de vraag. Web 2.0 geeft een hoop rotzooi.
  • Qwitter is bad for everyone : Als je qwitter zoekt bij TwitterSearch zie je zo waarom het een slecht idee is: de meesten voelen zich minimaal onprettig na een mailtje dat iemand zich heeft afgemeld als follower. Niet doen dus!
  • Goede tips wat je wel en niet moet doen met Twitter gebruik Mashable
  • Tagthis makes information flow from Twitter to other webapps. Free your tweets! Overigens ben ik niet zo blij met Delicious meldingen in Twitter
  • 10 tips for Beginners who are just getting into Twitter, zie ook de ander Twitter tips van TwiTip

Web 2.0

Zoeken

Gelezen: Shirky Iedereen

8 Reacties

Jeroen zette met op het spoor van het nieuwe boek van Clay Shirky: Iedereen: Hoe digitale netwerken onze contacten, samenwerking en organisaties veranderen‘, de vertaling van ‘Here comes everybody‘. (Boekaankondiging tgv Picnic 08)

Shirky is een bekend schrijver over internet zaken, anderhalf jaar geleden heb ik van hem Ontology is overrated gelezen. Een van de topics daarin was ‘Tags’: door dat artikel bedacht ik dat het misschien wel niet zo erg is wanneer sommigen Paddestoelen zeggen, anderen Paddenstoelen, Mushrooms of Fungi,  laat staan dat Tag systemen een ‘explode’ functie kennen. De meesten willen immers helemaal niet alles over iets vinden, en als je op zoek bent naar homosexuality leg je misschien wel een andere nadruk dan wanneer je zoekt naar gay.

Enfin: nu over de digitale netwerken.
ManagementScope vond het boek tergend oppervlakkig, maar ik vond het heel aardig. Hij schrijft heel vlot leesbaar, met een aantal smeuïge voorbeelden.

Wat termen:

  • de ‘long tail‘ komt voorbij,
  • de disbalans (velen dragen heel weinig bij, een paar wat middelmatig, een enkeling heel erg veel),
  • herdefiniëring van nieuws,
  • iets wat niet efficiënt is kan nog wel effectief zijn,
  • zekerheden van de institutie tegenover waarschijnlijkheid van de grote aantallen,
  • betrokkenheid,
  • nieuwe technologie verandert karakteristieken van oude instituties,
  • revolutie ontstaat doordat maatschappij nieuw gedrag aanleert,
  • six degrees of separation‘ (2 willekeurige mensen zijn doorgaans maar 6 stappen van elkaar verwijderd),

Groepsvorming is iets wat mensen van nature graag doen, en als ze bij elkaar zijn gaan ze communiceren en delen, en al snel ontwikkelen zich afspraken.  Door de systemen van tegenwoordig kunnen snel grote groepen gevormd worden: van mensen die op een bepaald moment al dan niet toevallig bij elkaar zijn (op het moment van de bomexplosie in Londen bijv.), of die een speciale interesse hebben, waar ze zich dan ook bevinden. Vervolgens kunnen die spontaan wat samendoen: foto’s op het internet zetten, of via weblogs met elkaar over allerlei zaken communiceren. De techniek levert slechts het podium: hoe meer je invulling vrijlaat, hoe beter het verloopt, wat bijv te zien is aan Wikipedia. Al te strakke sturing levert eerder mislukking op dan dat dat het proces verbetert: via de digitale organisaties van nu gebeuren er zaken zonder dat het geld kost, en die je als officiële organisatie nauwelijks tot niet voor elkaar zou kunnen krijgen, als je het al zou willen/ kunnen opbrengen.
Mensen willen graag hun krachten bundelen om iets te veranderen in de wereld, en de reikwijdte van de communicatiemiddelen maakt dat eenvoudig en goedkoop mogelijk: sociale techniek neemt barrières weg. En gedeeld bewustzijn maakt dat mensen sneller en effectiever kunnen samenwerken.
Het gemak waarmee nu groepen gevormd worden heeft ook verliezers. Er zijn mensen die hun baan verliezen bijvoorbeeld, maar vaak worden er ook weer -vaak meer zelfs- nieuwe gecreëerd en er is verlies van controle door reactionaire regimes (hoe erg is dat), maar de negatieve aspecten van de vrijheid worden ook versterkt: pro-ana’s, terroristen en criminelen kunnen ze ook gebruiken.

Meer is anders‘: het informatieaanbod is gigantisch, en meer is niet zozeer minder, zoals sommigen zeggen, maar anders, er treden andere mechanismen in werking.  Een gradueel verschil in informatie delen wordt zo groot dat het een principieel verschil wordt, en het economisch effect daarvan is enorm. De groei van netwerken en groepen is onvoorstelbaar groot en snel geworden: iedereen is nu deel van de wereld als geheel geworden, en niet meer zoals voor 2002 onderdeel van een beperktere lokale gemeenschap.
Wikipedia is een proces, geen product, en werkt alleen door de grote getallen. (Doet me ook een beetje aan de Foundation van Asimov denken.)
Een van de belangrijke veranderingen in de huidige wijze van publiceren zit hem in de wijziging van het tijdstip van filtering: wanneer de techniek de beperking oplegt, ligt het moment van filtering voordat iets gepubliceerd wordt, maar wanneer dat niet meer het geval is en iedereen zelf kan publiceren, ligt de filtering na de publicatie.
Over dat filteren heeft hij pas nog heeft hij een aardige presentatie bij Web 2.0 Expo NY gehouden It’s Not Information Overload. It’s Filter Failure. In dit boek heeft hij het over de ‘amateurisering’ van het filteren: misschien ligt daar voor de bibliotheek nog wel een taak.
Een van de zaken die je hierbij ook in de gaten moet houden, is dat je wel van alles op het net kunt lezen, maar dat het niet aan jou gericht hoeft te zijn: dat kunnen filteren -negeren van wat niet je interesse heeft-  is essentieel.  De meeste mensen lezen ook geen krant van artikel 1 op pagina 1 tot het einde, maar kiezen er stukjes uit.

Door de technische wijzigingen vallen de professionele categorieën uiteen: net zo als we ook geen  ‘kopiisten’ meer nodig hebben om boeken te vermenigvuldigen, zullen bepaalde beroepen ook overbodig worden.  Of zal het belang daarvan anders worden. Het effect daarvan treedt niet meteen na het ingaan van een nieuwe techniek op, maar pas na verloop van tijd.  Dat gaat met name voor de journalistiek op – wat is nog de definitie van een journalist –  maar misschien ook wel voor de bibliothecarissen …

Als technieken vanzelfsprekender worden, worden ze onzichtbaarder: bijna iedereen rijdt auto, maar de meesten houden zich niet bezig met hoe een verbrandingsmotor werkt. Nu groeit er een generatie op die geheel doordrenkt is van de aanwezigheid van de digitale netwerken: zij kunnen zich op den duur niet meer voorstellen dat dat ooit anders was, net zomin als wij ons nog nauwelijks een maatschappij zonder telefoon zouden kunnen voorstellen. Hoewel die niet echt onzichtbaar, laat staan onhoorbaar is 😉 .

Elkaar willen ontmoeten is zinvol en leuk: ten onrechte dacht men aanvankelijk dat je door communicatie mogelijk te maken de wens tot reizen zou vervangen: dat is niet zo. Videoconferencing zal nooit alle live bijeenkomsten vervangen en internet is geen vervanging van je sociale leven, maar een versterking ervan. Het is zelfs zo dat er via internet groepen of acties ontstaan van mensen die elkaar juist IRL willen ontmoeten. Soms alleen voor de grap of de gezelligheid -denk aan de flashmobs- maar die techniek kun je ook inzetten als politieke actie: denk aan de arrestatie van de ijsjeseters.
Verder willen Twitterati elkaar nog weleens ontmoeten en heb je de site Meetup waar mensen uit allerlei groepen elkaar kunnen vinden.

Via de vriendenlijnen van sociale netwerken, de zgn ‘kleine-wereldnetwerken‘ –die zowel filters als versterkers van communicatie zijn- kun je  het ‘prisoners’ dilemma‘ verkleinen, omdat je meer reden tot vertrouwen in elkaar hebt en gemakkelijker sociaal kapitaal kunt opbouwen en daarmee een ‘schaduw van de toekomst’ kunt creëren.

Het gemak en de lage kosten maken het experimenteren ook gemakkelijk: heel veel mislukt, maar dat geeft niet, ook niet voor de bedrijven die het faciliteren. Wat ze overhouden is heel veel gratis ‘Trail and error’: ergo kwaliteitscontrole, marktonderzoek. We voorzien op deze manier ook allerlei bedrijven met informatie als: degenen die dit-en-dat leuk vinden, houden daar-en-daar ook van.
Open software projecten, waarvan Linux een maatstaf is geworden, zijn heel populair: de grootste verzameling staat op Sourceforge.net. Ook daar weer: een paar succesnummers, maar driekwart wordt helemaal nooit gedownload. De bedreiging voor de gevestigde bedrijven zit hem er juist in dat open software projecten zo goed zijn in mislukken 😉 . Commerciële bedrijven neigen naar veiligheid en bannen daarmee echte creativiteit uit: voor open sociale systemen geldt dat bepalen wat je wilt proberen duurder is dan het zomaar doen.  Goldcorp (Edwin Blom kwam daar ook mee op de OCN) is een traditioneel bedrijf dat het over een andere boeg gooide en daarmee uit de problemen kwam. Veel waardevolle projecten blijven door de hoge transactiekosten onder de ‘vloer van Coase’.
Ook hier weer de macht van de getallen: als er maar genoeg mensen meedoen kan van alles, ook het meest onwaarschijnlijke, geprobeerd worden en kunnen exceptionele successen ontstaan.  Maar bedrijven nemen om hun productie te maximaliseren (80/20 regel) de ‘regelmatige middenmoot’ aan, en wijzen wisselvallige genieën af.
Wat mislukt verdwijnt snel, maar een succesvol gemeenschappelijk project kan even duurzaam zijn als een commercieel bedrijf.

Succes voor een sociale techniek, of een groep, is een gunstige mix van drie:

  1. geloofwaardige belofte (Waarom),
  2. effectieve techniek (Hoe) en
  3. redelijke afspraak (Waarheen) met gebruikers, of tussen de gebruikers onderling.

De belofte moet niet extreem de ene of de andere kant op zijn, maar moet mensen overhalen om deel van de groep te willen uitmaken. Dat kun je doen door het eerst aantrekkelijk voor het individu te maken en de waarde voor de groep als geheel volgt daarna vanzelf (zoals bij Delicious), of de groep in kleinere clusters splitsen: zodat je kleine kernen vormt in een groot netwerk (MySpace). Veel projecten stranden al op de belofte.
De techniek (Tool) moet afgestemd zijn op het groepsgedrag: als de belofte aantrekkelijk is, maar de techniek niet goed gekozen lukt het nog niet. Het verrassende is dat veel technieken helemaal niet zo nieuw zijn: de belangrijkste toepassing van een techniek komt vaak pas als iedereen ze al kent.
De belofte en techniek moeten effectief zijn, maar het succes staat of valt met het feit of de afspraak redelijk is (denk aan de mislukking Encarta enerzijds en de Diggrevolutie anderzijds). Groepen kunnen zo groot en machtig worden dat hun eisen ingewilligd moeten worden, wil de dienst blijven bestaan.

Om vandalisme tegen te gaan heb je toezicht nodig: in geval van Wikipedia is dat toezicht er bijvoorbeeld door iedereen en omdat de groep zo groot is, kost het veel meer werk om onzin te verkondigen dan om dat weer recht te breien. Bij eBay wordt dat toezicht gevormd door het waarderingssysteem waarmee je reputatie staat of valt.

Binnen een groep is er een spanningsveld tussen tevredenheid en effectiviteit: als een groep het langer dan een jaar uithoudt, is er een redelijke kans dat deze het nog heel wat langer volhoudt, maar uiteindelijk gaat elke groep ter ziele. En als dat gebeurt dan gaat het snel: omdat het moeilijk is die mix van drie goed te krijgen en houden.

De verwachting is dat er over de gehele wereld meer groepsvorming zal optreden en de netto resultaten daarvan kun je als meer positief dan negatief beoordelen, afhankelijk van je instelling. Maar dat er zich een fundamentele wijziging in het intellectuele klimaat aan het voltrekken is, en een toename van vrijheid, is evident.

Inhoudsopgave:

  1. En wie breng je daarvoor mee?
  2. Delen versterkt de gemeenschapszin
  3. Iedereen kan publiceren
  4. Eerst publiceren, dan filteren
  5. Waar persoonlijke motivatie en gezamenlijke productie samenkomen
  6. Collectieve actie en institutionele barrières
  7. Sneller en sneller
  8. Sociale dilemma’s aanpakken
  9. Onze middelen aanpassen aan een kleine wereld
  10. Mislukken kost niets
  11. Belofte, techniek en afspraak

Bibliotheekwerk wordt onzichtbaar

12 Reacties

Ik maak me ernstig zorgen  over het voortbestaan van de bibliotheek. Niet omdat het niet nodig zou zijn, maar omdat we op een of andere manier maar niet over het voetlicht krijgen wat we doen, waar we als beroepsgroep voor staan, mee bezig zijn, wat onze core business is.

Bibliotheek
Ik werk in een wetenschappelijke speciale bibliotheek, daar is de situatie waarschijnlijk anders dan in de openbare bibliotheek, zeker wat gebruikers, users, betreft: onze gebruikers weten ons te vinden en in grote lijnen te waarderen op wat we doen.  Maar het management … dat is een ander verhaal.

Naam
Het feit dat de opleidingen het woord ‘bibliotheek’ uit de naamgeving hebben verbannen omdat het niet alleen om boeken zou gaan (ict afdelingen zien er geen been in om ‘bibliotheek’ te gebruiken voor de software-bibliotheek), en  ‘dienstverlening’ nu ook al niet meer mag, maakt het er voor de buitenstaander ook niet duidelijker op.
Lang heb ik dan ook, eigenwijs als ik ben,  volgehouden dat ik ‘bibliothecaris’ was, maar uiteindelijk ben ik overstag gegaan voor ‘informatie specialist‘. Alleen snapt niemand buiten onze beroepsgroep wat ik daarmee bedoel. En inderdaad: wij hebben het alleenrecht op informatie niet …. Om me heen zie ik ook fancy namen opduiken: de laatste die ik hoorde was ‘productmanager‘, alsof dat duidelijker is .

Huidige praktijk
Ik ben al een poosje aan het worryen over wat ik om me heen zie en hoor en schreef deze post aanvankelijk naar aanleiding van Jan’s oproep:

“De nieuwe bibliotheek verschijnt aan de horizon terwijl de oude bibliotheek nu al door z’n hoeven zakt”

Maar door tijdsgebrek is dat voor die blogkermis toch een andere geworden 😉 .

Om me heen zie ik dat bibliotheken weggevaagd worden in sanerings -i.e. bezuinigings- acties, terwijl men evengoed onderkent dat er te weinig aan kennisdeling, kennismanagement, kortom het echt informatiemanagement gedaan wordt. En dan worden er vanuit afdelingen als communicatie en IT/ICT acties ondernomen die eigenlijk op ons terrein liggen en dan ook vaak tekort schieten, omdat ze vaak te zeer instrumenteel zijn. Het lijkt net of de gevestigde orde managers niet ziet wat wij doen. De gebruikers wel, maar op een of andere manier wordt er wat dat betreft ook niet naar hen geluisterd. Zo zie je dat dure wetenschappers hun tijd moeten besteden aan administratieve zaken, die beter, sneller en efficiënter door goedkopere krachten gedaan kunnen worden. Of, als je bijv denkt aan IBL,  helemaal niet meer gedaan worden, wat uiteindelijk een negatief effect op de kwaliteit van het door hen verrichte werk zal hebben.
Waar hebben we een bibliotheek voor nodig: al onze eigen spullen staat toch op het intranet roepen de managers: misschien, maar als dat zo is, wie zet dat dan daar? Ik hoorde al dat ‘men’ denkt dat de medewerkers dat zelf wel zullen doen,  … nou …

Nieuwe media
Ben je wel bij de tijd met je bibliotheek? Wat web 2.0 betreft: ik hou mijn zaakjes wel bij, maar word in de toepassing daarvan voor de bibliotheek belemmerd door de firewall, waar sommige programma’s helemaal niet  (Netvibes, LibraryThing, RefWorks), of maar gedeeltelijk (Twitter, Delicious, Meebo) doorheen komen. Of door de structuur van het netwerk die belet dat je toolbars gebruikt, of je weblog alleen in HTML en niet in WYSIWYG laat opmaken, waardoor samenwerking met collega’s bemoeilijkt wordt. Of door de ICT afdeling die maar geen netwerkversie van RefMan of Endnote installeert.
De bibliotheek kan zo niet leveren wat ze eigenlijk in mijn ogen zou moeten en kunnen, verdwijnt weer een beetje meer uit beeld en een en ander heeft tot gevolg dat bij de afdeling communicatie een nieuwe functie kan ontstaan voor iemand die zich bezig houdt met ‘nieuwe media’ en vervolgens weer bij mij komt met opmerkingen over bibliografische zaken (zucht).

Alles staat immers op internet?
Veel wel ja, maar lang niet alles, en zeker niet gratis en vindbaar. Wij hebben verschillende databases, online tijdschriften en een linkresolver, betalen daar al met al een smak geld voor en een groot deel van mijn tijd ben ik bezig met die aan de gang te houden en op elkaar af te stemmen.

Aan de lopende band verandert de plaats van elektronische collectie (URLs), het platform van de uitgever of de jaren waar je toegang toe hebt. Amerikaanse abonnementen moeten elk jaar vernieuwd en vaak moet dan ook de toegang weer opnieuw geregeld worden. Er is geen sprake van dat je een linkresolver koopt en dan klaar bent: die moet gevuld worden en vraagt veel onderhoud, wat nog aardig lastig is om te doen ook.
Maar al dit werk gebeurt achter de schermen: als alles goed gaat merkt niemand er wat van, en zou je kunnen denken dat het vanzelf gaat… En weer verdwijnt de bibliotheek een beetje meer uit beeld.

Programma’s en instructies
Te vaak worden programma’s aangekocht en keurig neergezet met de gedachte dat ‘men’ dat zelf wel uitvist hoe die werken. Nou dat valt nogal tegen: heel vaak moeten er administratief zaken worden ingericht, of mensen knoppencursussen gegeven worden. Programma’s als ReferenceManager of Endnote hebben bijna altijd een korte instructie nodig, en als je de andere databases efficiënt wil gebruiken moet ook daar in instructie voorzien worden.  Ik ken wel voorbeelden van gevallen waar men (een toegang tot) dure databases heeft gekocht, en die vervolgens netjes installeert en wacht tot de gebruikers vanzelf komen …. niet dus.

Gebruikers
Er zijn 3 soorten medewerkers / gebruikers te onderscheiden naar stadium van bibliotheek-bewustzijn:

  1. Niet gebruikers: die of niet lezen omdat ze er geen behoefte aan hebben en op persoonlijke netwerken drijven (managers bijv, maar onder de wetenschappers komen ze ook voor), of geheel selfsupporting zijn en alles zelf aanschaffen (in de wetenschap een minderheid).
  2. Onbewuste gebruikers: de mensen die vrolijk je systemen gebruiken zonder in de gaten te hebben dat ze dat kunnen doen omdat iemand dat heeft geregeld.
  3. Bewuste gebruikers: mensen die je systemen gebruiken en vaak tegen de grenzen aanlopen en om instructie/ondersteuning vragen, IBL opvragen en dergelijke.

Toekomst
Het werk als zodanig moet toch gedaan worden, dat is duidelijk. In organisaties waar de bibliotheek is afgeschaft zie je dezelfde taken opduiken bij het secretariaat, de ICT of de afdeling communicatie, al hebben ze het soms niet eens in de gaten: al heeft een roos een andere naam ….
Als wij het niet meer doen uit naam van de bibliotheek, en het voortaan verder onder de afdeling ‘Communicatie’ of ‘Ict’ zal vallen, of men een afdeling ‘Research informatie’ uit de grond stampt,  maakt misschien niet eens zoveel uit, maar ik zie het toch als een teloorgang van het vak als zodanig, en dat gaat me wel aan het hart.

Want dat de bibliotheek als zodanig niet kan overleven, lijkt haast wel zeker.

————-

(het moge duidelijk zijn dat ik dit volstrekt op persoonlijke titel schrijf)

Oktober 2008 aan de hand van de Tweets

1 Reactie

De OCN2008 (z.o. de HappeNing en de video’s van Jaap van de Geer) was natuurlijk het belangrijkste nationale bibliotheek evenement van oktober. Jammer dat er niet een groot scherm met de Twitterfontein was: dan zou het nog eens een spetterende show geweest zijn 😉 . Maar er is even goed behoorlijk wat afgetweet: ik heb ze grotendeels opgezocht en bij elkaar gezet in twee blogpostings (dag 2 en dag 1). Twitteren is een sterk actueel en snel wisselend gebeuren: dat kun je ook zien aan het steeds meer gaan ontbreken van de fotootjes in die twee postings, want de gewijzigde avatars worden niet opgenomen.
Wat je ziet gebeuren is dat het groepsgevoel versterkt wordt en er van alles voorbij komt: van impulsief stoom afblazen of grappige observaties tot vakinhoudelijke steun bij literatuursearches. Twitter is eigenlijk een combinatie van openbare chat en attendering en heeft in mijn ogen allang de discussielijsten verdrongen. Het is wel zoals Rita zegt: je komt overal dezelfde mensen tegen. Maar het groeit wel gestaag 😉 .

Bloggen in Tumblr is heel erg gemakkelijk en leuk, maar overzichtelijk is het niet. Ik gebruik mijn D’tjes en Datjes Tumblr account naast mijn weblog, de Twitter tweets, de gedeelde items in Google Reader en Delicious om even ‘citaten’ weer te geven of een plaatje te laten zien. Maar zo versnipper je het geheel wel… ik ga ook maar eens voor mijn Tumblr berichtjes erbij doen.

Het is leuk op deze manier een beetje terug te kijken op de maand: wat is er weer veel gebeurd!

Bibliotheek praktijk:

Biblioblogs:

Citaties:

Internet tips

Lezen:

Twitter

Web 2.0

Zoeken

September aan de hand van de Tweets

Laat een reactie achter

In september heb ik twee van mijn Twitter accounts samengevoegd tot een: eigenlijk ben ik gewoon te lui om mijn privé en werk uit elkaar te houden denk ik 😉 of ik werk altijd, dat kan ook natuurlijk.

Wat mij betreft waren er drie hoofdthema’s deze maand:

  1. Ik heb me enorm geamuseerd met Blip.fm: It’s like Last FM and Twitter had a baby 😉 : je leert veel nieuwe muziek kennen en communiceert met mensen all-over-the world..
  2. Wowter is begonnen met een blogkermis met als thema het bloggen zelf. Nu vind ik dat ‘blogkermis’ een raar woord, maar de gedachte is erg leuk en de meeste posts heb ik ook gelezen: een feest van herkenning
  3. Belangrijke aanwinst afgelopen maand was de Chrome browser van Google, maar die moet je downloaden, en daar ik over meerdere computers werk is dat onhandig, dus heb ik daar dan ook niets over te melden 😉 . Wel kan ik, als je met meerdere computers werkt, Symbaloo als startpagina aanbevelen: dat in combinatie met de toolbar van Conduit bijvoorbeeld zorgt dat je op alle computers eenzelfde toegang hebt.

Verder zijn onderstaande zaken in mijn Twitter filter blijven hangen:

Bibliotheekpraktijk:

Databases:

  • Ovid linkt in hun database naar de Full-text waar je toegang toe hebt, maar die noemen ze niet overal zo:  bij PsycBooks bijvoorbeeld heten de links ‘ Ovid PDF Database’ en daar kijk je snel overheen. Als je de links ook ‘Links’ wilt laten noemen, moet je de ‘Link Target Set’ aanpassen. Dat kun je zelf doen, maar moet je wel weten dat dat daar kan. Het heeft wel meteen effect. September 15, 2008
  • Een RSS feed op de Narcis kon je al een poosje maken, maar de  zoekresultaten waren onhandig te bekijken. Het geheel is beter geworden schreef ik op 12 September 2008, maar vandaag (5 oktober) zie ik dat er al een maand lang niets op is binnen gekomen… hum.
  • In Scopus mag je in veld ‘Authors’ geen 2 auteursnamen tegelijk intikken: het resultaat wordt dan 0, ook al zijn er artikelen waar beide auteurs aan hebben geschreven in de database.  … Raar eigenlijk om dan wel de meervoudsvorm voor de veldnaam te gebruiken. September 08, 2008
  • Bij Scopus kun je uiteenlopende naamsvarianten van jezelf bij elkaar laat schrapen en onder een ingang laat zetten, maar dan blijkt de H-index niet gelijk mee te lopen. Het duurt een hele tijd voor dat doorkomt. Antwoord van Elsevier: je kunt auteur gerust kunnen stellen dat zijn H-index toch niet is gezakt van 16 naar 9, maar eind september was nog steeds de juiste notering niet op alle plaatsen toegankelijk.  September 08, 2008

Lezen:

Wetenschap / citaties

Zoeken

Overige Internet tips

  • Listmixer lijkt me mooi ‘anti-clutter middel’: bewaart je bookmarks maar 30 dagen; zijn ze dan nog niet gelezen: dan worden ze verwijderd.  September 16, 2008
  • WIKINDX free bibliographic + quotations/notes management and article authoring syst. September 14, 2008
  • The Googling deel V is uit: , grappige serie filmpjes die Google maps op hak neemt (the vacationeers). September 14, 2008
  • Gmail ‘clipped’ lange mails. Als je ze dan Forward, zijn ze ook geclipt. En als je ze helemaal bekijkt, kun je niet Forwarden … 02:08 PM September 09, 2008
  • 23 en nog veel meer dingen (Stephen Abrams) is al van februari, maar toch nog wel de moeite September 05, 2008
  • Karin Blakeman heeft weer een nieuw lijstje met top 10 business research tips gepubliceerd: Twitter nu ook erbij. 08:27 AM September 05, 2008
  • 50 Ideas on Using Twitter for Business van Chris Brogan. September 12, 2008