ILI2007: Twitter

5 Reacties

Ter voorbereiding van de ILI2007 is er wel een .ning groep en een WIKI opgezet, maar geen gezamenlijke Twitter-activiteit bedacht.

Patrick uit Duitsland heeft wel geTwitterd: en zijn tekstjes zijn nog apart te lezen (via het web), maar voor zover ik weet is hij de enige. Tja, op zich weet ik ook niet of dat nou zoveel toevoegd, maar snel is het wel.

Misschien zou dat voor het NVB najaarscongres wel een grappig idee zijn: als ze een scherm zouden oprichten waarop allerlei geTwitter zich voltrok 😉 .
Zou zoiets in te richten zijn?
Ikzelf heb een poosje geleden wel een Twitter account genomen, maar doe er eigenlijk niets mee: dat is me al te vluchtig, en dan moet je weer vriendjes gaan verzamelen…
Maar aan zo’n actie wil ik wel meedoen 🙂 .

Advertenties

ILI2007: Phil Bradley over Web 2.0 weerstand

Laat een reactie achter

Phil Bradley is een bekende in de biblioblogosphere, en een leuk spreker.

Zijn betoog kwam erop neer dat de weerstand tegen web 2.0 voortkomt uit angst voor chaos en verlies van controle. En angst is een sterke, maar slechte raadgever.
En dat je maar beter dat ‘buzwoord’ web 2.0 kunt vergeten.
Wat houdt Web 2.0 immers in, programmaatjes?

Niet toch? Het gaat meer over interactie, samenwerken, informatie delen.

Denk na over wat de kern is van wat je doet als bibliotheek: toevoegen aan de kwaliteit.
En zo zou je ook om je heen kunnen kijken en proberen methodes te vinden om dat beter te doen: pak die op en probeer ze uit. Ze zijn gratis, en overal om je heen.
En wat kan het schelen of die methodes nou wel of niet web 2.0 heten?

Je kunt uit angst wel niet mee willen veranderen, maar de wereld verandert toch, met jou (of jouw bedrijf/organisatie), of zonder jou …

Voor zijn hele praatje zie zijn PPT

ILI2007: over de conferentie, een kritische noot

4 Reacties

De balans van 4 dagen Londen valt positief uit: leuke dingen en gezellige mensenKamer, me en uitzicht meegemaakt, ook weer wat nieuwe dingen geleerd. Toch had ik er ietsje meer van verwacht, misschien ook omdat de berichten vorig jaar zo positief waren.
Hieronder een terugblik op het geheel van mijn ervaringen, licht kritisch, maar geenszins negatief bedoeld.

De ILI2007 / londen foto’s

De deelnemers
60% van de deelnemers was er voor het eerst, een aantal hebben er meer meegemaakt en sommigen zelfs allemaal. 29 landen doen mee: overal vandaan, Antigua (niet eerder van gehoord), Singapore, Oekraïne, USA etc.
De andere blogger, naast Guus, is Patrick uit Berlijn: de rest blogt misschien wel, maar heeft zich niet op de wiki ingeschreven. Zo’n wiki is nutteloos als je niet vrije wireless toegang geeft, en waarom maak je er bij de demo’s geen gebruik van … geen sterk voorbeeld van web 2.0 meerwaarde.

De sprekers
Er zijn er bij die HEEL goed zijn: niemand kan tippen aan Stephen Abram: die is echt overwhelming. Maar er zijn er ook bij die uitermate zwak zijn.
Waarom denken sommigen dat ze niet op het spreekgestoelte, maar ook wel ernaast kunnen staan?
Er was zelfs iemand die een nieuw product kwam aankondigen maar geen powerpoint had en niet te verstaan was, dus over hun nieuwe product blijf ik in het duister.
Er was maar 1 spreekster die probeerde echt wat interactiefs te doen: helaas was haar onderwerp voor mij niet zo nieuw, de rest was allemaal meer van hetzelfde: spreker voor de klas, de rest hoort aan, paar vragen, volgende. ‘De wereld verandert’, vertelden alle sprekers … maar de conferentievorm blijft blijkbaar hetzelfde 😉 .

Zalen
De stoelen waren een beetje nauw geplaatst: je had nauwelijks armslag om te typen.
Meestal ga ik achteraan zitten, want dan stoort het typen minder en bij andere conferenties zie je meestal niet zo erg veel laptops, maar hier hebben er veel een bij zich, niet onverwacht toch?
Ik nam toch maar de achterste rij, plukte er een stoel tussenuit en zet die helemaal achter tegen de muur: zo creëerde ik letterlijk wat Dspace 🙂 ..
Waarom hebben die conferentiezalen toch een te laag overhead scherm tegenwoordig? In de grote zaal beneden kon je de onderste teksten niet lezen, en de mensen voor je zag je ook heen en weer bewegen met hun hoofd.
De laptops waarmee de sprekers zich moesten behelpen waren wat aan de oude kant blijkbaar en de powerpoints gingen soms verkeerd: maar de techniek had alleen oor voor het geluid en schoot ze niet te hulp, een misser vind ik dat.

Locatie
Ze hebben voor dit hotel gekozen, zoals vorige jaren, omdat het zo gezellig was. Maar toen waren er ook al klachten over de ontbrekende wireless, en voor een internet conferentie kan dat ECHT niet! Bovendien is het qua geleverde kwaliteit voor de kamers ook veel te duur, dat weerhoudt mensen ook om te komen.
Volgend jaar zal het in een ander hotel zijn: …

Tijdindeling
We liepen wat uit en hadden zo maar 3 kwartier voor de lunch: dat is wel krap. Als je even je laptop aan de lader wilt leggen en een sanitaire stop, zijn alle zitplaatsen voor de lunch al vergeven is is iedereen aan het toetje … ben ik nou zo langzaam?
Overigens was er nog eten genoeg: en perfect geregeld ook, dus maar met toetje terug naar de hotelkamer, kon ik gelijk ook nog even een paar logjes plaatsen 🙂 .

Catering
Moeilijk foerageren is het niet: bij de koffie ‘s ochtend cakejes, koek of appel, bij de thee doughnuts of scones (of appel), een uitgebreide lunch met alles wat je maar kan bedenken, de eerste avond een receptie met hapjes en drankjes (heb ik maar overgeslagen), dan een gezellig diner met 11 collega’s uit de medische bibliotheekwereld. (We zijn naar Babylon geweest: een aparte locatie met uitgebreide dakterrassen waar note bene flamingo’s liepen!)
Dinsdag avond maar een broodje op de kamer genomen, anders pas ik niet meer in de stoel op de terugweg…
Het eten was buitengewoon goed, snel en efficiënt, onder strakke regie van hoe-heet-zo-iemand: complimenten!

De andere kant
De zusterconferentie is de IL (Amerika) (dus zonder international) eigenlijk snap ik toch niet zo goed waarom ze er twee op na houden: deze is zo duur dat je voordat geld ook wel naar Amerika kunt gaan. En ze worden beiden georganiseerd door Information today… De reden is misschien dat niet iedereen van de baas de oceaan over mag.

Conclusie
Het hotel was duur, het eten prima, de organisatie conservatief, weinig nieuws, Londen heel schoon, de Londenaren heel aardig en behulpzaam, de ontbrekende wireless onverteerbaar. En de presentaties geef ik gemiddeld een zes.
Was het de moeite waard: ja toch wel, heb wel een paar leuke dingen gehoord, ideetjes opgedaan en plannen gemaakt.
Ga ik volgend jaar weer: nou… naar de Amerikaanse versie als ik de kans krijg.
Het wordt tijd voor een nieuw concept: de un-conference?

PS: misschien moet ik niet zo kritisch zijn, was er voor mij weinig nieuws omdat ik alles al zo goed bijhou 😉 .

ILI2007: bouw je eigen zoekmachine

4 Reacties

Ik heb een paar sessies naast Tony Hirst van de Open University (UK) gezeten. hij had wel een wifi kaart gekocht, want kon niet zonder. Zijn praatje ‘Varieties of Search’ was erg inspirerend. Zijn blog: http://ouseful.info

De kern van zijn betoog: bouw je eigen zoekmachine.

Geschiedenis
Rollyo begon ermee: combineer een lijstje zoekmachines die je wilt gebruiken, maak er een zoekbox van die je dan waar je wilt in in kunt bedden.
Bij alle zoekmachines kun je nu je zoekactie beperken, de URLs bewaren en daar een zoeksite over bouwen, zowel bij Yahoo (Yahoo search builder) als bij Google (Custom search engine). Microsoft begint nu er nu ook mee: Live search macro.
Meestal kun je daar ook trefwoorden in opnemen om de zoekacties te verbeteren.

Voor het bouwen van je zoekmachine moet je eerst lijstjes URLs samenstellen, maar er zijn al zoveel van die lijstjes … waarom er zelf een samenstellen, je kunt ook gebruik maken van werk van anderen.
Een van de zaken die je kunt gebruiken zijn verzamelingen in del.icio.us: die bundels ‘getagde info’ kun je hergebruiken en weer opnieuw clusteren. Bloglines kun je ook gebruiken om informatie te bundelen.
Die verzamelde clusters zet je dan weer in een zoekmachine, al dan niet met toevoeging van je eigen trefwoorden.
Het is heel gemakkelijk om dat te doen.

Een voorbeeld daarvan zijn de How do i instructional video’s: deze zoekactie nodigt je uit de zin af te maken, en daarmee kom je meteen met een betere zoekactie. Door het beperken van de sites krijg je ook betere resultaten dan in Google.

Je kunt op deze manier ook een site doorzoeken die zelf een slechte interne zoekmachine heeft, met gebruikmaking van trefwoorden die je er zelf vooraf aan toevoegt.

Met deze Search hubs heb je veel relevantere resultaten en je optimaliseert op jouw beurt Google’s resultaten.

Wat kun je gebruiken? Van alles:
– bookmark collections
– embedded links
– reference in course materials
– browser geschiedenis
– blogrolls
– bibliografieën (incl amazon google book search)
– comments
– etc

Hij tipte ook Searchfeedr een zoekmachine met 2 boxen die zowel ‘van’ als ‘naar’ links zoekt

Hij is het prototype van de moderne bibliotheekgebruiker: haalt elke dag informatie uit de bibliotheekbestanden, maar gaat er nooit naar toe. (Tot mijn verbazing begreep niet iedereen meteen wat hij zei, sommigen mopperden dat-ie nooit naar de bibliotheek ging … ha, dat is precies wat ik mijn baas altijd vertel: mijn klanten komen niet zozeer fysiek langs, maar gebruiken daarom de informatie en services die we verlenen wel! )

Major web search engines, such as Google, Yahoo! and Ask, are not the only search engines in a researcher’s repertoire. There are also search engine intermediaries, such as Rollyo, that let you choose to search in a restricted set of domains. Naturally occurring search hubs, collections of links to web domains, include outgoing links, links pointing in, links collected under a particular tag on a social bookmarking service and links in RSS feeds.

ILI2007: tabellen en plaatjes

1 Reactie

Helle Lauridsen, ProQuest (UK) ‘Indexing hidden information’ ofwel: tabellen en plaatjes zoeken.

Allerlei belangrijke wetenschappelijke informatie bijv tabellen en plaatjes worden niet geïndexeerd, maar een hele boel full-text informatie waar je niet zoveel aan hebt wel. Tabellen en plaatjes zijn vaak de essentie van een wetenschappelijk artikel, de meeste wetenschappelijke artikelen zijn opgebouwd uit dit soort informatie, de tekst is vaak een beetje cement eromheen 😉 . Eigenlijk wordt dus het belangrijkste niet geïndexeerd!
Met google images kun je geen behoorlijke wetenschappelijk zoekactie doen: er is dus behoefte aan een systeem dat dat wel kan.

Carol Tenopir heeft een groot onderzoek in drie instituten in Europa opgezet om te kijken naar waar de bibliotheek-grootgebruikers onder de wetenschappelijke onderzoekers echt naar zoeken, en wat hun behoeftes zijn: veel mensen gebruikten wel A&I databases, en ze wilden geen printjes, maar elektronische artikelen.  De  eisen die zij stellen aan een tabellen en plaatjes zoeksysteem:
– kwaliteit tabellen / plaatjes moet goed zijn
– rechten op hergebruik geregeld
– link naar full-text, moet aanwezig zijn,
– context duidelijk
– overzichtelijk en gebruiksvriendelijk

Proquest is daarmee aan de gang gegaan en heeft een multidisciplinaire database ontwikkeld die afgelopen januari is gepresenteerd: CSA illustrata.
De techniek erachter is erg gecompliceerd: zoveel mogelijk wordt elektronisch gedaan, zo weinig mogelijk handwerk. Het zal ongetwijfeld een dure database zijn.

Visualisation is growing in importance. Visual representations of information not only catch the viewer’s eye, but also illuminate hidden connection among information items.

ILI2007: open access voor ruwe data

3 Reacties

Open the doors to perception was de presentatie van Stuart Macdonald, Edinburgh University (Scotland) en Luis Martinez, London School of Economics (UK).
Qua presentatie was deze nogal matig: ik begreep pas halverwege waar het over ging 😦 nl databases voor ruwe onderzoeksdata. Ik ben daar wel in geinteresseerd, maar weet er weinig van af en gezien hun opzet kwam het niet goed over.

Gelukkig hebben ze wel een site waar diverse publicaties op staan (deze presentatie) zie daar dus. Ik heb slechts wat losse kreten te melden:

Open standards – > open sources – > open access (= Free immediate and permanent access for everyone) -> open data

Ze noemden diverse blogs over open access: naast die van Peter Suber ook Digital curation blog, Peter Murray (blogt volgens mij niet meer), OA librarian, Free our data, open knowledge foundation, RIN team blog.
Daarnaast heb je ook verschillende groepen in Facebook

Onder E-research verstaan ze ruwe data die verzameld wordt tijdens onderzoek over wat er precies aan de gang is

Vaak wordt de data lokaal opgeslagen en wordt er verder niets mee gedaan, dat is wel jammer. De vraag is of bibliotheken zich ook met dit soort informatie moeten bezig houden: en het antwoord daarop is ja, er zijn samenwerkingsverbanden daarvoor opgericht van research bibliotheken.

DISC-UK (Edina) heeft een project DataShare opgestart met als doel het delen van deze informatie.

New distributed models of data sharing and archiving for UK research institutions, such as LSE and Edinburgh University, within an institutional repository environment provide opportunities for data librarians because they have data discovery skills and work with research and statistical data.

ILI2007: Intute

Laat een reactie achter

Jackie Wickham University of Nothingham / Intute
Martin Gill, University of Leeds (UK)

Intute is een vrij goed bekend staande gratis service die de gebruikers naar kwaliteits informatie wil leiden met een online catalogus en tutorials. Meerdere universiteiten in de UK werken er aan mee.
Ik ken het van hun goede tutorials, maar daarnaast kun je ook elementen van hun website openen in die van jezelf.
Op dit moment is er gewoon veel te veel op het net, en up-to-date blijven is voor elke individuele bibliothecaris een ‘big headache’ , daarom kun je ook gebruik maken van hun services: hun zoekbox ook op je eigen bibliotheekpagina gebruiken. Of leeslijsten maken met behulp van hun systeem.
Als je geregistreerd bent (ook gratis) kun je ook records bewaren en importeren in je eigen website. De update is automatisch: ze kunnen bijv ook in je weblog opkomen.

Martin Gill van Leeds Universtity vertelt enthousiast over hoe hun website aan vernieuwing toewas en ze met intute wilden aanvullen. Het leek op het laatste moment vast te lopen vanwege het Javascript gebruik: Intute heeft dat omgezet naar PHP.
De website van Leeds lijkt nu voor een groot deel hun werk, maar in wezen is dat niet zo 😉 , de zoekbox, de RSS feeds en dergelijke komen van Intute. Daarnaast hoefden ze dus geen server te kopen, geen software en geen link checking. Ze moesten natuurlijk wel wat aanpassen, maar die kosten daarvan zijn minimaal. Ze vullen het aan met eigen resources; My Nonintute 🙂 .

Er is geen restrictie op het gebruik: iedereen kan dat doen: zie de website onder ‘ integration’. Het lijkt me een interessant optie: hoef je zelf je websites niet meer bij te houden

The University of Leeds has a new approach to creating web guides for a library portal using Intute’s dynamic linking functionality